Antwoord op vragen van het lid Van Kooten-Arissen over het uitzetten van paling als symptoombestrijding


Gekoppelde kamervragen

Het uitzetten van paling als symptoombestrijding (27 Maart 2019)
Publicatiedatum:
17 April 2019
2019D16213

Het betreft hier een Reactie op kamervraag,
behorend tot de commissie Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit

Download kamerstuk
Officiele Link


Geachte Voorzitter,

Hierbij zend ik u de antwoorden op vragen van het lid Van Kooten-Arissen (PvdD) over het uitzetten van paling als symptoombestrijding (ingezonden 27 maart 2019 met kenmerk 2019Z05986).

Daarnaast informeer ik u over de bijdrage van het kabinet aan de publieke consultatie die de Europese Commissie december 2018 – maart 2019 heeft uit gezet over het EU Aalherstelplan (EU 1100/2007). De bijdrage is op 25 maart 2019 verzonden aan Eurocommissaris Vella. Een afschrift is bijgevoegd.

Carola Schouten

Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit

Bijlagen

Bijlage

Afschrift brief aan Eurocommissaris Vella over de bijdrage van het kabinet aan de publieke consultatie die de Europese Commissie december 2018 - maart 2019 heeft uitgezet over het EU Aalherstelplan (EU 1100/2007)


2019Z05986

1

Kent u het bericht ‘Markermeer krijgt twee miljoen jonge palingen’?

Antwoord

Ja.

2

Kunt u toelichten hoe het kan dat de aalpopulatie in Nederland nog altijd in slechte staat is ondanks het inmiddels al bijna tien jaar oude Aalbeheerplan?

Antwoord

De Nederlandse aalpopulatie staat niet op zich, maar is verbonden met het totale pan-Europese aalbestand. De toestand van het Europese aalbestand is nog steeds zorgelijk. In het Nederlandse aalbeheerplan (2009) is een tiental maatregelen genomen, waaronder het verminderen van de visserijsterfte en het bevorderen van de migratiemogelijkheden. Daarbij is een doorkijk gegeven van de verwachte bijdrage van de respectievelijke maatregelen op de uittrek van volwassen aal (schieraal). Hieruit blijkt dat sommige maatregelen, zoals visvriendelijke gemalen en waterkrachtcentrales, tijd kosten om uit te voeren vanwege de investeringen. Omdat we daarnaast te maken hebben met een langlevende soort zullen grote effecten van de genomen maatregelen pas op een termijn van tientallen jaren leiden tot een toename van de biomassa.

3

Klopt het dat voor het project in het Markermeer, onderdeel van het Aalbeheerplan, aal wordt weggevangen uit het wild en vervolgens weer op een andere plek uitgezet wordt?

Antwoord

Sinds 2011 vindt uitzet in Nederland plaats met glasaal die opgekocht en gevangen wordt in de riviermondingen in Frankrijk of Engeland. Voor de keuze van de wateren in Nederland waarin de glasaal wordt uitgezet is een protocol opgesteld. Er wordt daarin gekeken naar temperatuur, voedsel, inrichting en uittrekmogelijkheden. Het Markermeer voldoet aan die criteria. In 2014 is pootaal en in 2017 en 2019 is glasaal uitgezet. Het rapport van Wageningen Marine Research uit 2018 [1] geeft een overzicht van alle locaties en hoeveelheden van uitgezette glas- en pootaal in Nederland.

4

Klopt het dat wetenschappelijk niet bekend is wat het sterftepercentage is van uitgezette glasaal?

Antwoord

Van uitgezette glasaal zijn geen wetenschappelijk onderbouwde overlevingspercentages bekend. Onderzoek van de Stichting Duurzame Palingsector Nederland op proefvijvers in Valkenswaard liet zien dat na 1 seizoen 90% van alle uitgezette glasaal onder natuurlijke omstandigheden, zonder predatie nog in leven is [2]. In het via het Europese Fonds voor Maritieme Zaken en Visserij (EFMZV) gefinancierde project “Duurzaam Aalbeheer door Kennis” wordt hier verder wetenschappelijk onderzoek naar verricht. Het verdient aanbeveling om de overleving van uitgezette glasaal te vergelijken met die van glasaal die via de natuurlijke weg intrekt.

5

Klopt het dat niet bekend is of en hoe de uitgezette glasalen uittrekken om uiteindelijk de Sargassozee te bereiken om zich voort te planten?

Antwoord

In 2018 heeft Wageningen Marine Research een evaluatie uitgevoerd naar de uitzet van glas- en pootaal. Hierin wordt geconcludeerd dat op basis van de huidige informatie niet vast te stellen is wat de kwantitatieve bijdrage aan de uittrek van schieraal naar zee is. Volgens ICES zijn er voldoende aanwijzingen dat uitzet van jonge aal bijdraagt aan het aalbestand en de uittrek van schieraal.

6

Kunt u uitsluiten dat het wegvangen van jonge glasaal uit het wild zorgt voor extra druk op de populatie aldaar?

Antwoord

Aangenomen wordt dat de intrek van glasaal in de Franse en Engelse riviermondingen hoger is dan de draagkracht van het achterliggende water. Daarom is de vangst van glasaal op deze locaties toegestaan binnen het EU Aalherstelplan, met inachtneming van de vastgestelde quota. Helemaal uitsluiten dat het wegvangen leidt tot extra druk de populatie kan ik niet.

7

Klopt het dat wetenschappelijk niet bewezen is dat het wegvangen uit het wild en opnieuw uitzetten van glasaal een netto positief effect heeft op het aalbestand?

Antwoord

Precieze cijfers over de impacts van glasaal onttrekking en de bijdrage aan de Europese populatie door uitzet elders zijn niet bekend. De uitzet van jonge aal kan echter belangrijk zijn voor de instandhouding van een lokale populatie, met name in de gebieden waar de intrekmogelijkheden er niet of heel beperkt zijn.

8

Klopt het dat jarenlang wegvangen en uitzetten van glasaal niet aantoonbaar heeft geleid tot significant herstel van de aalpopulatie?

Antwoord

De uitzet van glasaal wordt in Nederland al sinds het begin van de twintigste eeuw toegepast als maatregel om de aalstand te verdichten. De grootschaligheid van die uitzet heeft geleid tot de omvangrijke aalstand, zoals die bekend is uit het midden van de vorige eeuw. Sinds die tijd zijn de intrekmogelijkheden voor glasaal drastisch afgenomen door de aanleg van talrijke gemalen, stuwen en dammen. Ook de uittrek van schieraal naar zee wordt ernstig bemoeilijkt door deze kunstwerken. Om die reden heb ik in mijn brief aan uw Kamer van 13 september 2018 (Kamerstuk 29 664, nr. 191) aangegeven dat voor het oplossen van deze migratieproblemen een belangrijke verantwoordelijkheid ligt bij de waterbeheerders. Als laatste is bovendien het voedselaanbod voor aal afgenomen door het helder wordende water. Deze ontwikkelingen – in combinatie met de veeljarige levenscyclus van de aal – hebben ertoe geleid dat ondanks de uitzet van glasaal, een herstel van het aalbestand nog vele jaren zal vergen.

9

Kunt u uitsluiten dat het wegvangen en uitzetten van aal, om uiteindelijk weer gevangen en opgegeten te worden, de druk op de populatie vergroot?

Antwoord

Voor het wegvangen van glasaal worden jaarlijks duurzame quota vast gesteld op basis van het voorzorgsbeginsel. Het beheer van de quota is in handen van de Franse autoriteiten. De uitzet van glasaal is een instandhoudingsmaatregel zoals omschreven in het EU Aalherstelplan. In deze verordening wordt ook aan alle lidstaten de verplichting opgelegd beperkende maatregelen met betrekking tot de aalvisserij en migratiemogelijkheden op te nemen. Zowel de uitzet als de visserij- en migratiemaatregelen leiden tot een verminderde druk op de populatie.

10

Klopt het dat het uitzetten van glasaal mede gefinancierd wordt door het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en het Europees Fonds voor Maritieme Zaken en Visserij? Zo ja, om hoeveel geld gaat het op jaarbasis?

Antwoord

Ja, in de afgelopen 4 jaar werd jaarlijks € 375.000 besteed aan de uitzet van jonge aal in Nederland. Dit is vastgelegd in het Nederlandse aalbeheerplan en het operationeel plan onder het EFMZV.

11

Vindt u het terecht dat de belastingbetaler opdraait voor de uitzet van glasaal, terwijl een bronmaatregel als een door wetenschappers van International Council for the Exploration of the Sea (ICES) geadviseerd jaarrond vangstverbod niet genomen wordt? Zo ja, waarom kiest u ervoor in uw visserijbeleid alleen het advies van ICES te volgen wanneer het goed uitkomt? Zo nee, bent u bereid het ICES-advies te volgen en een jaarrond vangstverbod in te stellen?

Antwoord

De uitzet van jonge aal met belastinggeld maakt deel uit van maatregelen getroffen in het kader van het EU Aalherstelplan, zoals vastgesteld door de Europese Commissie. Nederland heeft daaraan bijgedragen met de rapportage zoals vermeld in antwoord 5. Over het herstel van de aal zijn in de EU afspraken gemaakt. De adviezen van ICES en de STECF hebben hieraan ten grondslag gelegen.

ICES heeft in haar jaarlijkse rapportage aan de Europese Commissie geadviseerd alle menselijke impacts die de productie en uittrek belemmeren te beperken tot ‘nul’ of dicht bij ‘nul’. Van een advies voor een jaarrond vangstverbod of het beëindigen van de uitzet van jonge aal is echter geen sprake. Uit de naar uw Kamer toegezonden rapportage (antwoord 8) blijkt dat de visserijsterfte in Nederland sinds 2009 sterk is gereduceerd door (1) het instellen van gesloten gebieden, (2) het instellen van een gesloten tijd voor de aalvisserij in de maanden september-november en (3) door de door sportvisserij verplicht gestelde terugzetplicht van alle door sportvissers gevangen paling. Ook bij waterkrachtcentrales en gemalen zijn stappen gezet. Maar we zijn er nog niet. Verdere inzet is noodzakelijk. Voor een jaarrond vangstverbod in de EU of in Nederland zie ik op dit moment geen aanleiding. Wel heb ik in mijn bijdrage aan consultatie een aantal aanbevelingen gedaan naar de Europese Commissie om te komen tot een gelijk speelveld voor alle lidstaten en een betere samenwerking tussen Europese instituties en lidstaten (bijlage).



[1] https://library.wur.nl/WebQuery/wurpubs/fulltext/467195

[2] https://www.dupan.nl/nl/informatiecentrum/onderzoek/uitslagen-onderzoek-poot--en-glasaal-valkenswaard


contact: info@tweedemonitor.nl of @tweedemonitor
Wijzig cookie instellingen