Antwoord op vragen van het lid Asscher over de eerste honderd dagen van het kabinet (gedeelte Ministerie van Economische Zaken en Klimaat)


Gekoppelde kamervragen

De eerste honderd dagen van het kabinet (6 februari 2018)
Publicatiedatum:
14 Maart 2018
2018D19363

Het betreft hier een Reactie op kamervraag,
behorend tot de commissie Economische Zaken en Klimaat

Download kamerstuk

Eric Wiebes
Indiener

Mona Keijzer
Indiener


Beantwoording 100 schriftelijke vragen van het lid Asscher: gedeelte Ministerie van Economische Zaken en Klimaat

Geachte Voorzitter,

Bijgaand ontvangt u de beantwoording op schriftelijke vragen die zijn gesteld door het lid Asscher (PvdA), voor zover deze gaan over het beleidsterrein van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat (kenmerk 2018Z01940).



20. Hoe gaat u er voor zorgen dat de NAM met aandeelhouders Shell en Exxon snel gaat opdraaien voor de aardbevingsschade in Groningen?

21. Bent u bereid zekerheid voor Groningers te bieden door Exxon en Shell een schadefonds te laten vullen met daarin ruim voldoende middelen om de schade door mijnbouwactiviteiten te vergoeden?

Antwoord op vragen 20 en 21
De verplichting tot het vergoeden van aardbevingsschade ten opzichte van gedupeerden in Groningen is een wettelijke verplichting van NAM. NAM zal aan haar betalingsverplichtingen blijven voldoen, waarover uw Kamer op 30 januari jl. per brief is geïnformeerd (Kamerstuk 33 529, nr. 422). In dezelfde brief licht ik toe dat aardbevingsschade van gedupeerden in Groningen wordt vergoed en dat NAM voldoende financiële middelen beschikbaar heeft om de versterkingsopgave uit te voeren. Shell heeft ook op 30 januari jl. een verklaring afgegeven dat NAM aan haar financiële verantwoordelijkheden die samenhangen met de aardbevingen in Groningen voldoet en zal blijven voldoen. In deze verklaring geeft Shell ook aan hiervoor garanties af te geven.

De Staat, Shell en ExxonMobil zijn daarnaast in gesprek over een herinrichting van het gasgebouw. In deze gesprekken zal worden verzekerd dat NAM ook in de toekomst bij toenemende kosten als gevolg van de aardbevingen en afnemende opbrengsten bij een verminderende gaswinning aan haar financiële verplichtingen zal blijven voldoen. Deze gesprekken verlopen constructief.

22. Waarom laat u de gewone Nederlanders via hun energierekening betalen voor de vervuiling door vooral het bedrijfsleven? Om hoeveel euro per huishouden gaat het naar schatting in 2030?
Bij de afweging ten aanzien van de lastenverdeling zoek ik een balans tussen de effecten op koopkracht en de gevolgen van de lastenverhogingen voor het bedrijfsleven. Bij de energiebelasting en de opslag duurzame energie geldt een lastenverdeling tussen huishoudens / bedrijven van 50:50. Daarbij staat “de vervuiler betaalt’ voorop. Maar ik houd ook rekening met de negatieve economische gevolgen voor het op de export gerichte bedrijfsleven. Daarbij moeten we erop bedacht zijn dat we weliswaar in staat zullen zijn om de directe lasten voor burgers en bedrijven te sturen op een gewenste procentuele lastenverdeling van de ODE en de energiebelasting, maar dat burgers indirect ook met hogere consumentenprijzen zullen worden geconfronteerd. De energiebelasting en de Opslag duurzame energie (ODE) zijn niet geschikt voor het voeren van inkomenspolitiek. Het kabinet streeft bij het opstellen van de Miljoenennota naar een evenwichtig koopkrachtbeeld. Het is de inzet van het kabinet om de ambitieuze klimaatdoelstellingen voor 2030 en 2050 tegen zo laag mogelijke kosten voor burgers en bedrijven te realiseren. Dit is dan ook een van de centrale uitgangspunten voor het af te sluiten Klimaatakkoord.

23. Waarom gaan bedrijven die vuile lucht (CO2) uitstoten belastinggeld voor het opslaan daarvan krijgen?
De afvang en opslag van CO2 is een belangrijke technologie die onderdeel vormt van de maatregelen om tegen de laagste kosten de doelstellingen van het Akkoord van Parijs te realiseren. De opslag van CO2 hoort dus bij een kosteneffectief maatregelenpakket. Toepassing en uitrol van CCS zonder overheidsbijdrage lijkt op korte termijn echter niet waarschijnlijk. In het kader van het Klimaatakkoord zal verder worden gesproken over deze techniek en de verantwoordelijkheden van de betrokken partijen.

29 Hoe gaat u ervoor zorgen dat de leefbaarheid en het unieke karakter van Groningen bewaard blijven?
Allereerst is het kabinet van plan om de gaswinning zo snel als mogelijk omlaag te brengen tot 12 Nm3. Daarnaast ben ik intensief in overleg met de regionale bestuurders en de maatschappelijke organisaties in de regio over structurele oplossingen voor de problematiek die de gaswinning in Groningen heeft veroorzaakt. Dit gaat over de uiteindelijke inrichting van de schadeafhandeling, een verbeterde aanpak van de versterkingsopgave en over het samenwerken aan een nieuw toekomstperspectief voor Groningen. Behoud en bevordering van de leefbaarheid en het borgen van de Groningse gebiedsidentiteit zijn daarbij belangrijke uitgangspunten. Ons gezamenlijk streven is om begin van het tweede kwartaal van dit jaar tot afspraken op hoofdlijnen over deze thema’s te komen. Bepalend voor het karakter van de regio is het gebouwde cultureel erfgoed. Hiervoor is al nadrukkelijk de aandacht in het Erfgoedprogramma (Kamerstuk 33529, nr. 382), waarin alle betrokken overheden in het aardbevingsgebied1 werken aan de ontwikkeling en uitvoering van een gezamenlijke aanpak voor het behoud en het toekomstbestendig maken van het gebouwde erfgoed.

30. Hoe wordt de lagere opbrengst uit gas opgevangen als de gasproductie vanwege de aardbevingen in Groningen verder wordt verlaagd, nu de gasbaten door het kabinet – anders dan jarenlang het geval was - binnen de financiële kaders van de Rijksbegroting zijn geplaatst? Kunt u toezeggen dat dit niet via aanvullende bezuinigingen wordt gerealiseerd?
De budgettaire besluitvorming kent een regulier proces met een hoofdbesluitvormingsmoment in het voorjaar. Hierin besluit het kabinet over de hoofdlijnen van de uitgaven- en inkomstenkant. Dit stelt het kabinet in staat om een integrale afweging te maken over alle mee- en tegenvallers die zich op de Rijksbegroting voordoen en voorkomt dat de begroting continu moet worden bijgesteld. In het kader van de integrale afweging kan ik dus ook niet vooruitlopen op de budgettaire verwerking van een toekomstig gasbesluit.

36. Wat doet u om sociaal en verantwoord ondernemen te stimuleren?
Sociaal én verantwoord ondernemen is gericht op lange termijn waardecreatie zonder negatieve impact op mens en milieu door bedrijven, ofwel duurzame winst. Dit wordt vanuit het kabinet gestimuleerd, onder andere omdat het bijdraagt aan kabinetsdoelstellingen zoals CO2-reductie, een circulaire en inclusieve economie en goed ondernemerschap. Basis is de verantwoordelijkheid om mensenrechtenschendingen en milieuvervuiling in de toeleveringsketens in kaart te brengen en aan te pakken. Dit verwacht de overheid van bedrijven en past het kabinet ook zelf in haar handelen toe, zoals onder andere blijkt uit de maatregelen in het Regeerakkoord die bijdragen aan een eerlijke economie. Het kabinet heeft verschillende soorten stimuleringsbeleid voor sociaal en verantwoord ondernemen:

 Het kabinet stimuleert samen met de SER sectoren die een grote kans hebben een negatieve impact te hebben op mens en milieu om via convenanten over (internationaal) Maatschappelijk Ondernemen (IMVO Convenanten) afspraken te maken met elkaar, maatschappelijke organisaties en de overheid.
 Wanneer er aanleiding is te denken dat bedrijven misstanden veroorzaken, hieraan bijdragen of hieraan gelieerd zijn, gaat de overheid in de regel met deze bedrijven in gesprek.
 Transparantie door bedrijven over risico’s in hun keten en hoe zij deze aanpakken, bevordert het doel van sociaal en verantwoord ondernemen. Het kabinet stimuleert transparantie onder andere door middel van de Transparantiebenchmark (500 grootste bedrijven in Nederland) en de daarbij horende Kristalprijs. Door de recent geïmplementeerde EU-Richtlijn voor bekendmaking niet-financiële informatie en diversiteit moeten ongeveer 115 grote organisaties van openbaar belang in Nederland rapporteren over risico’s voor mens en milieu en de aanpak daarvan. Uw Kamer heeft op 28 februari 2018 de brief ontvangen over de voortgang van de IMVO Convenanten en de resultaten van de Transparantiebenchmark en Kristalprijs.
 De stichting MVO Nederland krijgt subsidie voor het helpen en stimuleren van bedrijven bij verantwoord ondernemen. MVO Nederland voert diverse programma’s uit, heeft een informatiecentrum en helpdesk voor bedrijven en diverse bedrijvennetwerken. MVO Nederland beheert ook de door de overheid gefinancierde MVO Risicochecker.
 De KvK heeft veel informatie en tips voor ondernemers, bijvoorbeeld over sociaal ondernemen2
 “The Impact Manual” (TIM) wordt ontwikkeld voor het meten van impact van bedrijven. Deze online en open source handleiding zal vanaf zomer 2018 ondernemers op maat gemaakte begeleiding bieden om hun impact te meten. In de eerste versie worden arbeidsparticipatie, circulaire economie, fair chain en voedselzekerheid opgenomen.
 Diverse maatschappelijke organisaties en vakbonden die zich inzetten voor de verduurzaming van ketens ontvangen financiering van de overheid, zoals het Initiatief Duurzame Handel.
 Verder kan de overheid zelf ook MVO voorwaarden stellen aan bedrijven waarmee het een financiële relatie met bedrijven aangaat. Dat geldt voor het financieel buitenlandinstrumentarium en het inkoopbeleid.
 Voor de toepassing van Maatschappelijk Verantwoord Inkopen komt er binnenkort ook een MVI zelfevaluatietool voor Rijk, gemeenten, waterschappen en provincies om de eigen voortgang te monitoren en best practices met elkaar te delen.
 Vanuit de Rijksoverheid wordt daarnaast ingezet op het stimuleren en praktisch ondersteunen van maatschappelijk verantwoord inkopen door medeoverheden, onder meer door het manifest Maatschappelijk Verantwoord Inkopen.

88.Wat wilt u doen tegen de macht van internetreuzen als Google en Facebook?
In de digitale economie is een aantal grote spelers actief, zoals Google en Facebook. Omdat deze spelers in de gehele EU actief zijn, is de omgang met digitale ontwikkelingen veelal een Europees vraagstuk. De vraagstukken rond deze spelers zijn veelzijdig. Voorbeelden van zaken die spelen zijn onder andere het risico van misbruik van markmacht, de rol van data, privacy, de relatie tussen platforms en bedrijven en de bestrijding van illegale content. Op een aantal van deze terreinen bestaat al regelgeving die bijvoorbeeld waarborgen biedt voor het behoud van concurrentie en het beschermen van privacy. Daarnaast is op verschillende van deze gebieden regelgeving in ontwikkeling. Dit gebeurt vooral op Europees niveau. Ook treden toezichthouders zoals de Europese Commissie en de ACM op grond van het Europees mededingingsrecht op tegen misbruik van marktmacht, zoals recent bij de boete die de Commissie heeft opgelegd aan Google. Nederland zet zich actief in bij de Europese discussies. Het kabinet zal in de Digitaliseringsstrategie nader ingaan op de verschillende vraagstukken en op de acties die het kabinet voor ogen heeft.


1
De twaalf gemeenten in het aardbevingsgebied, de provincie Groningen, de Nationaal Coördinator Groningen
2 https://www.kvk.nl/advies-en-informatie/innovatie/sociaal-ondernemen/

contact: info@tweedemonitor.nl of @tweedemonitor
Wijzig cookie instellingen