Antwoord op vragen van het lid Van Raan over het nieuws dat inwoners van Warmenhuizen al 25 jaar op sterk vervuilde bodem leven

Publicatiedatum:
15 Januari 2018
2018D00735

Het betreft hier een Reactie op kamervraag,
behorend tot de commissie Infrastructuur en Waterstaat

Download kamerstuk

Kamervragen van het lid Van Raan over het nieuws dat inwoners van Warmenhuizen al 25 jaar op sterk vervuilde bodem leven



Vraag 1: Kent u het bericht dat inwoners van Warmenhuizen al 25 jaar op een sterk vervuilde bodem leven1? Hoe beoordeelt u deze gevaarlijke situatie?
Ja. Op grond van de Wet bodembescherming is het aan de lokale overheid om de kwaliteit van de bodem te beoordelen. De grond en het grondwater van deze locatie zijn in de periode 1981 tot en met 1988 onderzocht en gesaneerd. Na de sanering is de locatie geschikt geacht voor woningbouw. Om te kunnen bepalen of er nu sprake is van risico bij het huidige gebruik (wonen) heeft de gemeente Schagen een bodemonderzoek laten uitvoeren. Uit de risico-evaluatie op basis van de resultaten van dit onderzoek blijkt dat er geen sprake is van onaanvaardbare risico’s voor de mens, het ecosysteem of ten aanzien van verspreiding bij het gebruik wonen met tuin/volkstuinen/moestuinen. Daarnaast is gebleken dat bij het vervangen van drinkwaterleidingen in 2017 mogelijk de drinkwaterkwaliteit is beïnvloed. Ook hier geeft nader onderzoek aan dat er geen sprake is van gezondheidsrisico’s.

Vraag 2: Hoe kan het zo zijn dat de bewoners en de gemeente niet op de hoogte waren van de levensgevaarlijke bodem- en bodemwaterkwaliteit?
De locatie is reeds gesaneerd en wordt beschouwd als geschikt om er te wonen. Zie verder antwoorden 1 en 4.

Vraag 3: Zijn er tekortkomingen in de wet- en regelgeving die het onmogelijk maken voor lokaal bestuur of toezichthouder om tijdig in te grijpen? Zo ja, welke? Zo nee, welke instantie(s) is (zijn) hier tekortgeschoten en welke mogelijke hiaten zijn er in wet- en regelgeving?
De Wet bodembescherming en onderliggende regelgeving bieden voldoende aanknopingspunten voor decentrale overheden en de toezichthouder om situaties waar bodemverontreiniging aan de orde is adequaat aan te pakken. Zodra een verontreiniging aan het licht komt bij graafwerkzaamheden, zoals in het geval van de betreffende locatie in Warmenhuizen, kunnen de lokale overheden met de initiatiefnemer zo nodig maatregelen treffen. De Drinkwaterwet biedt de mogelijkheid om in te grijpen zodra de kwaliteit van het drinkwater in het geding is. De betrokken instanties hebben gebruik gemaakt van deze mogelijkheid.

Vraag 4: Kan het zo zijn dat er nog andere plekken zijn waar sterke vervuiling uit het verleden onopgemerkt is gebleven? Zo ja, hoe gaat u erachter komen welke plekken dat zijn? Zo nee, hoe weet u zeker dat er geen andere soortgelijke plekken in Nederland zijn waar sprake is van levensgevaarlijke bodem- en bodemwaterkwaliteit en kunt u een overzicht geven van de andere locaties? Is het geval in Warmenhuizen aanleiding voor een nadere inventarisatie? Zo nee, waarom niet?
Decennialang is er veel tijd en geld besteed aan de aanpak van de bodemverontreiniging. Vele locaties zijn gesaneerd. In het Convenant bodemontwikkelingsbeleid en aanpak spoedlocaties (2010 – 2015) en het Convenant Bodem en Ondergrond 2016 - 2020 zijn afspraken vastgelegd tussen het Rijk en decentrale overheden over de inventarisatie en aanpak van verontreinigde locaties. De ambitie van partijen is dat aan het eind van 2020 de gevallen van ernstige bodemverontreiniging met onaanvaardbare humane, ecologische of verspreidingsrisico’s (“spoedlocaties”) zijn gesaneerd of de risico’s in elk geval zijn beheerst. Ondanks de zorgvuldig uitgevoerde inventarisatie kan het voorkomen dat er andere verontreinigde locaties worden ontdekt, bijvoorbeeld in het kader van herontwikkeling van locaties. Nader onderzoek moet dan uitmaken of er sprake is van onacceptabele risico’s. Ik zie op dit moment geen aanleiding om een nadere inventarisatie naar verontreinigingen te doen.

Vraag 5: Bent u bereid het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) te vragen te onderzoeken welke verbanden er bestaan tussen de aanwezige vervuiling en de sterfgevallen en gezondheidsproblemen bij de bewoners? Zo ja, op welke termijn zult u dit vragen? Zo nee, waarom wil u dat niet doen? Hoe gaat u als er sprake is van een verband om met de afhandeling van de huidige (en voormalige) gezondheidsproblemen van de bewoners? Wat zal er gebeuren om de gezondheid van deze mensen in de toekomst te waarborgen?
Het RIVM adviseert mij over risico’s voor de mens en de omgeving behorende bij een bepaalde mate van verontreiniging van de bodem. De adviezen hebben geleid tot een normenkader zoals opgenomen in de Wet bodembescherming en onderliggende regelgeving. Zo nodig kan een provincie of een gemeente het RIVM vragen extra onderzoek te verrichten voor een specifiek geval. Het normenkader biedt in beginsel voldoende bescherming voor de volksgezondheid. Nieuwe inzichten omtrent de risico’s en mogelijke maatregelen kunnen aanleiding voor mij zijn om u voor te stellen de normen voor de kwaliteit van de bodem aan te passen. Op dit moment is hiervoor geen aanleiding. De verantwoordelijkheid voor het leveren van drinkwater ligt bij de eigenaar van het drinkwaterbedrijf. De ILT ziet toe op de naleving van de Drinkwaterwet en is over de kwestie geïnformeerd. De ILT heeft aan het RIVM verzocht om op basis van de beschikbare gegevens een risico-inschatting te maken. Het RIVM geeft aan dat er geen gevaar voor de gezondheid van bewoners is gezien de korte blootstelling en relatief lichte overschrijding.
1 https://nos.nl/artikel/2200480-warmenhuizers-wonen-al-tientallen-jaren-opverontreinigde-grond.html

contact: info@tweedemonitor.nl of @tweedemonitor
Wijzig cookie instellingen